Gehuwden of wettelijk samenwonenden kunnen bij het einde van hun relatie zowel voor een regeling voor de kinderen als voor een regeling over de gemeenschappelijke/onverdeelde goederen terecht bij de familierechtbank.

 

Feitelijke samenwonenden die hun relatie beëindigen kunnen hun verschillende vorderingen niet voor eenzelfde rechtbank brengen.

 

Om een regeling te bekomen over de kinderen zullen zij zich moeten wenden tot de familierechtbank; voor alle andere betwistingen is de burgerlijke rechtbank van de Rechtbank van Eerste Aanleg bevoegd.

 

Zijn er echter ook problemen rond onverdeelde goederen dan zullen zij zich specifiek voor dit onderdeel moeten richten tot de rechtbank van eerste aanleg en niet tot de familierechtbank.

 

Feitelijke samenwoners moeten zich dus tot twee rechters wenden; gehuwden en wettelijke samenwoners dienen zich uitsluitend tot de familierechtbank te wenden.

 

Dit werd recent bevestigd door het Grondwettelijk Hof bij arrest van 19 januari 2017 AR 6316.

Expertisedomein